Voeten

'Voet' of VakOverschrijdende EindTermen in het secundair onderwijs zijn een totaalpakket van eindtermen voor de 6 jaren secundair onderwijs. Er is geen opsplitsing per graad. Dat biedt scholen en leraren een grote autonomie, maar vraagt ook een grote deskundigheid. Wanneer, waar, door wie, in welke vakken of projecten inspanningen geleverd worden om de VOET te verwezenlijken, is de verantwoordelijkheid van de school en alle leraren.

De VOET bestaan uit een stam en 7 contexten. De eindtermen burgerzin, bedoeld om te leren samenleven en actief te participeren aan de samenleving, kregen hun plaats in de politiek-juridische context, de socio-economische context en de context socioculturele samenleving. Maar kennis, vaardigheden en attitudes die verwijzen naar burgerzin, zitten ook in de context sociorelationele ontwikkeling (bv. de eindterm 'zoeken naar constructieve oplossingen voor conflicten') en de context omgeving en duurzame ontwikkeling (bv. 'zoeken naar duurzame oplossingen om de lokale en globale leefomgeving te beïnvloeden en te verbeteren').

De verschillende contexten hangen samen met een ‘stam’ van essentiële democratische vaardigheden zoals een open en constructieve houding, zich respectvol gedragen, kritisch denken, verantwoordelijkheid opnemen enzovoort.

Wat vinden leraren en leerlingen van de VOET?

Het secundair onderwijs werkt sinds 1997 met vakoverschrijdende eindtermen. Een onderzoeksgroep van de VUB onder leiding van prof. Mark Elchardus maakte ruim tien jaar later een evaluatie.

Het volledige onderzoek 'Vakoverschrijdende eindtermen in het secundair onderwijs' vindt u hier

Enkele opvallende conclusies:

  • Leraren vinden de VOET maatschappelijk en onderwijskundig relevant.
  • Leraren zeggen erg veel te werken rond opvoeden tot burgerzin, maar de leerlingen ervaren weinig aandacht voor dit thema. Een mogelijke verklaring daarvoor is dat er rond burgerzin vaak op een impliciete manier wordt gewerkt (bv. via het scheppen van een democratisch klas- en schoolklimaat).
  • Een ruime meerderheid van de leraren staat positief tegenover vakoverschrijdend werken, maar "het zijn wel altijd dezelfden die het doen.
  • Een engagement van de scholen voor de VOET heeft tot gevolg dat de leerlingen meer aandacht voor deze thema's hebben. Dat effect is groter bij leerlingen uit een sociaal kwetsbaar milieu. De inspanningen die een school levert hebben dus wel degelijk effect.
  • Werken rond thema's als politiek en mensenrechten beïnvloedt de politieke kennis van de leerlingen op een positieve manier. Die invloed is wel pas significant bij leerlingen uit de 3e graad. Het kennisniveau van jongeren op vlak van mensenrechten en politiek maakt hun houding meer verdraagzaam en democratisch.
  • Een aantal aspecten van de VOET kunnenbeter: leraren vragen meer aandacht voor de VOET in de lerarenopleiding, ze vinden dat het vakdenken doorbroken moet worden en dat er een betere coördinatie van de VOET moet komen.

De synthese van het onderzoek 'Vakoverschrijdende eindtermen in het secundair onderwijs'.

Meer informatie over de eindtermen en de vakoverschrijdende eindtermen.

De huidige eindtermen zijn intussen aan vernieuwing toe. In het Vlaams Parlement en met de Minister van onderwijs en het hele onderwijsveld werd de afgelopen jaren intensief gedebatteerd over nieuwe eindtermen. 

Intussen werden zestien sleutelcompetenties vastgelegd. Een van die sleutelcompetenties is ‘Burgerschap en competenties inzake samenleven’.

 Op basis van de sleutelcompetenties worden er nieuwe eindtermen uitgewerkt, die ook gevalideerd moeten worden.